Macro's versnellen engineering alleen wanneer inhoud, aansluitpunten, artikelen en varianten betrouwbaar zijn.
Bepaal de standaardinhoud
Leg vast welke functies, teksten, artikelen en aansluitingen onderdeel zijn van de macro. Vermijd projectspecifieke coderingen in een algemene bibliotheek.
Gebruik varianten bewust
Varianten kunnen montagevormen, spanningen of opties ondersteunen. Houd het aantal beheersbaar en documenteer waarvoor iedere variant bedoeld is.
Plaatsingsobjecten en placeholders
Gebruik placeholders voor waarden die per project wijzigen. Controleer dat gebruikers direct zien welke gegevens nog ingevuld moeten worden.
Test kruisverwijzingen en rapporten
Plaats de macro in een testproject en controleer verbindingen, apparaatnummering, artikelen, klemmen en rapportages.
Versiebeheer
Bewaar eigenaar, status, revisiedatum en wijzigingsnotitie. Verwijder oude macro's niet zomaar wanneer bestaande projecten ervan afhankelijk zijn.
Veelgemaakte fouten
Deze informatie is algemeen en vervangt geen projectspecifieke engineering, inspectie of normbeoordeling. Controleer altijd de actuele projectgegevens, fabrikantvoorschriften en toepasselijke regelgeving.
Veelgestelde vragen
Wat is het verschil tussen een venster- en paginamacro?
Een venstermacro bevat een geselecteerd deel; een paginamacro omvat een volledige pagina met bijbehorende structuur.
Kunnen macro's automatisch worden bijgewerkt in bestaande projecten?
Niet zonder meer. Wijzigingen in de bibliotheek passen bestaande geplaatste inhoud meestal niet automatisch veilig aan.
Hoe voorkom ik dubbele artikelen?
Gebruik één beheerde artikeldatabase en controleer onderdeelnummer en fabrikantgegevens voordat macro's worden gepubliceerd.
